WAAR GAAN WE NAARTOE MET HET ROZE STADSDORP AMSTERDAM

 Ook te downloaden als PDF(174kb)

Discussienota

PREAMBULE

Het Roze Stadsdorp Amsterdam (RSA) is een netwerk voor roze nabuurschap van LHBT+ 50 plus Amsterdammers, waar iedereen zich thuis kan voelen. Door ons te verenigen, elkaar te ontmoeten, en – waar nodig – elkaar te helpen, hopen wij gezonder oud te worden en langer een zelfstandig en prettig leven te leiden.

Zorgen voor jezelf en voor elkaar. Nu en later. Daarom!

 

INLEIDING

Op 9 december 2018 is er een bijeenkomst voor alle leden van het Roze Stadsdorp Amsterdam in Huize Lydia over het thema: Waar gaan we naartoe met het Roze Stadsdorp Amsterdam. Het is het vervolg op de bijeenkomst van 4 maart jl. in het Lloydhotel, waar een aantal vraagpunten in het oog sprongen. Wat is nabuurschap, hoe ontwikkelen we dat en hoe verbeteren we de vorming en het functioneren van de buurtgroepen?

Het bestuur van Stichting Roze Stadsdorp Amsterdam legt je deze discussienota met een aantal voorstellen en acties graag ter bespreking voor. De nota bestaat uit drie delen: evaluatie, probleemstelling en actieplan. Dit actieplan zal onderwerp van gesprek zijn op de bijeenkomst van 9 december.

De nota is tot stand gekomen na:
• Het beschouwen van de resultaten en vragen/opgaven uit de bijeenkomst van 4 maart;
• Het opstellen van een startnotitie;
• Besprekingen van de startnotitie in de commissie PR, Zorg, Nabuurschap en de Borrelcommissie;
• Verwerking van de resultaten van die besprekingen in een bestuursstandpunt;
• Verwerking van het bestuursstandpunt tot deze discussienota.

EVALUATIE

Wat geschiedenis
Op 19 april 2015 vond de oprichtingsvergadering van het Roze Stadsdorp Amsterdam plaats. Ineke Kraus sprak deze vergadering toe. Het gaat over ouder worden en homoseksualiteit. Zij constateerde dat ouderen het risico lopen te vereenzamen omdat zij minder mobiel worden en bestaande contacten verliezen. Zij krijgen te maken met afnemende zorg en het ontbreken van vanzelfsprekende sociale gelegenheden om hun netwerk aan te vullen. Goede sociale contacten zijn een voorwaarde om goed en gezond ouder te worden. Het Roze Stadsdorp Amsterdam is opgezet om met elkaar de kans op eenzaamheid verkleinen.
Doel van het Roze Stadsdorp Amsterdam, zoals verwoord in de statuten, is het bevorderen, behouden en versterken van de zelfstandigheid en waardigheid, de sociale participatie, sociale cohesie en gezondheid van LHBT+ 50 plussers en het hiertoe verstrekken van relevante informatie, kortom: het bevorderen en ontwikkelen van nabuurschap.

 

Wat is een stadsdorp?
Een Stadsdorp is een netwerk van bewoners uit een bepaalde wijk, gericht op het samen ondernemen van activiteiten en op nabuurschap. Het gaat om het organiseren van en deelnemen aan activiteiten waardoor je mensen kunt blijven ontmoeten. Dit als manier om lang (sociaal) actief te blijven, maar ook om elkaar waar nodig te kunnen ondersteunen. Dat laatste wordt nabuurschap genoemd en gebeurt in buurtgroepen. Nabuurschap is makkelijker en vanzelfsprekender als mensen bij elkaar in de buurt wonen.

Waarom roze?
De overheid kijkt voor het leveren van informele zorg naar partners en kinderen, familie, vrienden en kennissen, buren en andere vrijwilligers. Maar LHBT+ers zijn op latere leeftijd vaak alléén. Velen hebben geen partner (meer) en geen kinderen, hebben een complexe of geen relatie met hun familie. Vrienden wonen niet altijd in de buurt en uit ervaring blijkt dat LHBT+ers nog steeds geconfronteerd worden met vormen van discriminatie en intimidatie. Zij (wij dus) hebben een kleiner ‘natuurlijk zorgsysteem’. Daarom zijn voor roze ouderen contacten met andere roze ouderen in de buurt belangrijk.
Wat we wel hebben is de LHBT-gemeenschap, een roze netwerk. Daarin delen we een aantal belangrijke levenservaringen en levenskeuzes en die gemeenschap neemt vaak de plaats in van onze familie. Bovendien is het vaak heel leuk om met homo’s en lesbo’s op te trekken. En zo ontstond het idee voor Roze Stadsdorp Amsterdam (RSA).

Het Roze Stadsdorp na drie jaar
Na de oprichting in 2015 is het RSA geleidelijk aan gegroeid tot een niet meer weg te denken gemeenschap van LHBT+50 plus deelnemers.
De verworvenheden mogen er zijn:

• meer dan 750 ingeschreven deelnemers;
• een stichting + statuten + een bestuur;
• een website;
• een informele werkstructuur van vrijwilligers met vier commissies:
◦ de borrelcommissie die de maandelijkse stadsbrede borrel organiseert, waar zo’n 50 tot 80 mensen op afkomen;
◦ de commissie PR waaronder de commissie communicatie en website;
◦ de commissie nabuurschap;
◦ de commissie zorginformatie;
• een maandelijkse nieuwsbrief;
• een voorbereidingsgroep voor themabijeenkomsten;
• verschillende activiteitengroepen: o.a. een filmgroep, een wandelclub, een fietsclub, een Pink Dance, een poolgroep, een bridgeclub;
• in de hele stad buurtgroepen die met meer of minder succes samen eten, borrelen en andere activiteiten organiseren;
• toenemende erkenning van het RSA als partner van andere roze en ouderen organisaties.

En… hoe staat het met het nabuurschap?
Dat het RSA staat als een huis wordt door bovenstaande wel duidelijk. De georganiseerde activiteiten en vooral de borrel worden goed bezocht. Maar het nabuurschap is nog niet zo goed uit de verf gekomen, niet in de stadsbrede activiteiten noch in de buurgroepen.

PROBLEEMSTELLING

In de genoemde startnotitie van het bestuur wordt een analyse van de huidige situatie gegeven. De conclusie is, en dat is een bevestiging van het gevoelen op 4 maart, dat de belangrijkste opgaven zijn: duidelijker omschrijven wat we met z’n allen onder nabuurschap verstaan, dat verder concretiseren en zorgen voor minder vrijblijvendheid en meer wederkerigheid. De manier waarop dit tot stand gebracht kan worden zou kunnen variëren van ‘het zichzelf laten ontwikkelen’, ‘actief stimuleren en faciliteren’ tot ‘directief aansturen’.

Resultaat van de bespreking in de commissies

Geconstateerd wordt dat alle commissies met dezelfde vraag worstelen: hoe geven we inhoud aan ons nabuurschap. Opgemerkt wordt dat doel en middel uit elkaar gehaald moeten worden: wederzijdse betrokkenheid is doel, de buurtgroep is middel. Grote nadruk ligt er op wederkerigheid.
Er is zorg over de ontwikkeling van buurtgroepen, zoals wij die voor ogen hebben. Ze functioneren soms wel, soms niet. Onduidelijk zijn doel, opdracht, kader, frequentie en intensiteit.
De commissies functioneren en doen hun werk, maar ook zij missen een duidelijke taakstelling en taakopvatting.

Er waren ook praktische suggesties: het instellen van gastheren en –vrouwen om mensen welkom te heten tijdens de borrels, een gezamenlijke tafel voor nieuwe deelnemers, een introductiegroep.
En er waren ideeën: een kookcafé waar (potentiele) deelnemers kunnen aanschuiven en een ontmoetingsplaats hebben, een buurtcafé waarin mensen contact kunnen houden, het instellen van een kaartenbak, waarin deelnemers hun wensen, verlangens, bekwaamheden en aanbod kunnen vermelden.
Aansluiting zoeken bij bestaande Amsterdamse stadsdorpen wordt een aantal keer als suggestie genoemd.

Alle commissies willen graag dat het bestuur actief het nabuurschap stimuleert en daartoe middelen ontwikkelt. Het bestuur mag zich best directiever opstellen om vrijblijvendheid weg te nemen en wederkerigheid te verlangen. Bereidheid om iets voor een ander te doen is voorwaarde om deel te nemen, vinden de commissies.

ACTIEPLAN

Het bestuur kan zich vinden in de aanbevelingen van de commissies en zet in op twee zaken:
allereerst vasthouden, faciliteren en consolideren wat we tot nu toe hebben bereikt en ten tweede het nabuurschap gestalte geven.
Onder nabuurschap verstaan we: elkaar ontmoeten en elkaar waar nodig ondersteuning en hulp bieden. Nabuurschap is ook betrokkenheid op elkaar en wederkerigheid.

Actieplannen

1. Vasthouden, faciliteren en consolideren van bestaande activiteiten
Het is belangrijk wat al goed loopt te ondersteunen en te laten groeien

Actievoorstel 1

Het bestuur zal samen met de commissies de taakstellingen beschrijven.

Actievoorstel 2

Het bestuur zal een commissie Introductie instellen met als opdracht: het bedenken van verschillende maatregelen om nieuwe leden zich opgenomen te laten voelen in het Roze Stadsdorp.

2. Nabuurschap
Nabuurschap krijgt gestalte in buurtnetwerken: je let op elkaar en bent bereid om iets voor elkaar te doen. Nabuurschap is makkelijker en vanzelfsprekender als mensen bij elkaar in de buurt wonen. Daarom zijn de Roze Buurtgroepen op buurt/wijkniveau opgezet. Roze stadsdorpers kunnen elkaar daar beter leren kennen en elkaar –indien nodig- de helpende hand bieden, tips en informatie uitwisselen, samen activiteiten ondernemen.

Actievoorstel 3

Het bestuur zal het begrip wederkerigheid nader omschrijven, uitgaande van:
• gezelligheid is goed, maar het is vooral een middel om tot nabuurschap te komen; deelname is niet vrijblijvend.
• we zijn er voor elkaar en kunnen onze bekwaamheden en vaardigheden voor elkaar inzetten, als we het maar van elkaar weten.

Actievoorstel 4

Het bestuur en de commissies gaan actief inventariseren welke beroepsmatige of andere vaardigheden en bekwaamheden de deelnemers kunnen inbrengen om elkaar te ondersteunen en om interesses en behoeftes aan elkaar te koppelen. Er wordt een ‘kaartenbak’ ingesteld.

Actievoorstel 5

Het bestuur zal de commissie nabuurschap vragen In de loop van 2019 een bijeenkomst te beleggen met als doel met elkaar ideeën te ontwikkelen om de buurtgroepen beter te laten functioneren c.q. verder te ontwikkelen (best practices).

 

Ook te downloaden als PDF(174kb)